U bevindt zich op: Home › Nieuws › Persberichten
Niet één subsidie stopgezet na evaluatie; Kamer krijgt in enkel geval gekleurde informatie
Ministers weten vaak niet wat het effect is van het beschikbaar stellen van subsidies. Subsidieregelingen worden vaak gebrekkig geëvalueerd, zo stelt de Algemene Rekenkamer vast. Uit onderzoek in 2010 is al gebleken dat enkele ministeries helemaal niet over evaluaties van subsidieregelingen beschikken. Als niet deugdelijk wordt geëvalueerd of subsidies effectief zijn, is het risico dat ministers niet onderbouwde beslissingen nemen en de Tweede Kamer niet goed informeren. In enkele gevallen geven ministers gekleurde informatie aan de Kamer over uitgevoerde evaluaties. In 2010 had de rijksoverheid € 6 miljard voor subsidies beschikbaar, verdeeld over 633 regelingen, aldus het Subsidieoverzicht Rijk dat de minister van Financiën opstelt. De Algemene Rekenkamer zet vraagtekens bij de kwaliteit van dit overzicht.
Dit staat in het onderzoeksrapport Leren van
subsidie-evaluaties dat de Algemene Rekenkamer op 13 oktober
2011 publiceert. Dit onderzoek bouwt voort op een inventariserend
onderzoek uit mei 2010. Daaruit bleek dat waar de wet dit
voorschrijft 59 % van de subsidieregelingen niet op tijd is
geëvalueerd.
Het Ministerie van Financiën heeft het Subsidieoverzicht Rijk 2010
uitgebracht. Dit vertoont tekortkomingen. Volgens dit overzicht
zijn in de periode 2005-2009 111 van de 633
subsidieregelingen geëvalueerd. Het Rekenkameronderzoek wijst uit
dat het er feitelijk maar 81 zijn. Bij nadere bestudering zijn er
59 ook gericht op de effectiviteit van een subsidie. Van de door de
Algemene Rekenkamer onderzochte evaluaties (53 over 50
verschillende subsidies) blijken er 44 te gebrekkig te zijn om een
conclusie over de effectiviteit van een subsidieregeling te
trekken. In wet- en regelgeving zijn nu nauwelijks eisen gesteld
aan de kwaliteit van evaluaties.
De rijksoverheid moet streven naar het effectief besteden van
subsidiebudgetten. Wettelijk is vastgelegd dat
subsidieregelingen die langer dan vijf jaar bestaan periodiek
worden geëvalueerd. In 2010 heeft de Algemene Rekenkamer
vastgesteld dat meer dan helft van de rijkssubsidies die volgens
het Subsidieoverzicht Rijk 2010 al minstens vijf jaar bestaan niet
is geëvalueerd. Ruim een derde van alle rijkssubsidies, zo bleek
toen, had geen einddatum. De Tweede Kamer heeft eerder uitgesproken
dat dit wel moet.
Voor veel subsidieregelingen geldt dat niet helder is vastgelegd
welk doel ermee beoogd is. Daarom is aan de hand van evaluaties na
verloop van tijd ook niet vast te stellen of een minister met een
subsidie het doel heeft bereikt. Het huidig
kabinet heeft zich voorgenomen dat het bedrijfsleven alleen nog
subsidies krijgt als de effectiviteit ervan is bewezen. Aan dit
voornemen wordt met de huidige praktijk van evalueren niet
voldaan.
Het komt voor dat subsidieregelingen worden aangepast na een
evaluatie; de intentie om te leren van subsidie-evaluaties is er
dus. De Algemene Rekenkamer heeft in dit onderzoek geen enkel geval
vastgesteld waarbij een subsidie is stopgezet na een evaluatie.
Ministers besluiten dikwijls over het voortzetten van een
subsidieregeling op basis van gebrekkige informatie uit
evaluatieonderzoek. De Algemene Rekenkamer stelt in drie gevallen
vast dat de Tweede Kamer van de minister gekleurde informatie heeft
gekregen over een evaluatie: alleen positieve aspecten zijn
vermeld.
De Algemene Rekenkamer beveelt deugdelijk evaluatieonderzoek aan
en heeft daarvoor een handreiking geschreven. Ministers moeten op
basis van onderbouwde conclusies besluiten of subsidieregelingen
worden voortgezet, zo beveelt de Algemene Rekenkamer aan. Daarvoor
is het nodig dat subsidieregelingen een duidelijke doelstelling
krijgen. De minister van Financiën wordt aanbevolen
kwaliteitscriteria voor evaluaties vast te leggen. De Algemene
Rekenkamer doet de aanbeveling om een subsidie stop te zetten dan
wel aan te passen als is aangetoond dat deze niet effectief is. Wil
een minister toch anders besluiten, dan moet hij de Tweede Kamer
argumenten daarvoor aanreiken.
Verder beveelt de Algemene Rekenkamer aan dat elke minister een
publiek toegankelijk (internet-)overzicht van subsidieregelingen
bijhoudt.
De minister van Financiën stelt in een reactie dat hij geen
kwaliteitscriteria voor evaluaties wil vastleggen. Evenmin voelt
hij voor de standaardregel dat een subsidie stopt als uit een
evaluatie blijkt dat deze niet het bedoelde effect heeft. De
minister merkt op dat er vanaf 2012 al een beter subsidieoverzicht
komt.
De reactie van de minister overtuigt de Algemene Rekenkamer niet
dat de huidige onvolkomen situatie voldoende verbetert.