U bevindt zich op: Home › Publicaties › Onderzoeksrapporten
De Algemene Rekenkamer heeft onderzocht hoe het kabinet aan de Europese Commissie en de Tweede Kamer rapporteert over de voortgang van de nationale beleidsinspanningen voor de zogenoemde Lissabonstrategie: het streven van de EU-lidstaten om te komen een kenniseconomie met duurzame groei, innovatie, volledige werkgelegenheid, gezonde overheidsfinanciën en behoud van de natuurlijke omgeving.
De Lissabonstrategie is door de EU uitgewerkt in een groot aantal doelstellingen, waarvan het merendeel niet concreet genoeg is geformuleerd om achteraf te kunnen vaststellen of ze zijn bereikt. Daardoor is de strategie een minder krachtig instrument dan mogelijk was geweest.
Ook Nederland heeft veel beleid onder de noemer van de Lissabonstrategie geschaard waarvan de doelen niet (of niet in voldoende mate) in specifieke en meetbare termen zijn opgeschreven. De wijze waarop Nederland in zijn jaarlijkse Lissabonrapportages over de voortgang van het nationale ‘Lissabonbeleid’ rapporteert, schiet bovendien op verscheidene onderdelen tekort. Dat bevordert de effectiviteit van de strategie niet.
Als de EU en Nederland op de genoemde punten verbeteringen zouden weten aan te brengen, kan de nieuwe Lissabonstrategie – die vanaf 2010 gaat gelden – een krachtiger instrument worden. Dat is belangrijk, want de Lissabonstrategie is een kansrijke aanpak om het concurrentievermogen van de EU te vergroten en te komen tot een dynamische kenniseconomie en duurzame economische groei, met meer en betere banen en een hechtere sociale samenhang.
De betrokkenheid van het Nederlandse kabinet bij de Lissabonstrategie is tot op heden beperkt. Voor diverse beleidsterreinen heeft het kabinet lopend beleid onder de paraplu van de Lissabonstrategie geschoven, zonder dat is afgewogen of de realisatie van de Lissabondoelstellingen op die terreinen ander of extra Nederlands beleid vergt.
In EU-verband zou het kabinet erop moeten aandringen dat de Lissabonstrategie zich vanaf 2010 gaat richten op minder doelen dan nu, en dat de doelen en bijbehorende indicatoren zoveel mogelijk specifiek en meetbaar worden geformuleerd. Ook zou het kabinet in de EU kunnen bepleiten dat voortaan over de Lissabonstrategie op een compactere manier door de lidstaten wordt gerapporteerd.
Tegelijkertijd behoeven de Lissabonrapportages een betere kwaliteitsborging. De minister van Economische Zaken (EZ) zou de relevantie en consistentie van de informatie in de Lissabonrapporten systematisch moeten bewaken.
Het kabinet zou voorts moeten bewerkstelligen dat er nu al in EU-verband een moment wordt ingepland waarop de voortgang op en de resultaten van de Lissabonstrategie vanaf 2010 tussentijds zullen worden getoetst.
Ten slotte zou een nieuw kabinet bij het opstellen van een nieuw regeerakkoord en een nieuwe beleidsagenda expliciet moeten nadenken over de vraag in hoeverre er voldoende aansluiting is tussen de te maken afspraken in dat akkoord en de Lissabonstrategie.
Het kabinet staat welwillend tegenover onze aanbevelingen om te komen tot een geringer aantal specifiek en meetbaar geformuleerde doelen en tot een compactere wijze van rapporteren.
Over de kwaliteitsborging rond de Lissabonrapportages en het leggen van een relatie tussen de Lissabonstrategie en een nieuw regeerakkoord heeft de minister van EZ geen toezeggingen gedaan.
Indien de nieuwe Lissabonstrategie wederom een tijdshorizon van tien jaar krijgt, onderschrijft de minister onze aanbeveling om tussentijds op EU-niveau te bezien of bijsturing en/of andere accenten in de strategie nodig zijn.
Meer informatieReactie |
21-09-2009
|
PDF, 2909 kb
|
Lissabonstrategie voor duurzame economische groei en werkgelegenheid in Europa
Bijlage |
23-09-2009
|
PDF, 547 kb
|
Lissabonstrategie voor duurzame economische groei en werkgelegenheid in Europa
Persbericht | 21-09-2009 | Lissabonstrategie voor duurzame economische groei en werkgelegenheid in Europa
De Europese Lissabonstrategie is voor verbetering vatbaar. Dat kan door minder en concretere doelen. Hiervoor moet Nederland zich inzetten bij de onderhandelingen over nieuwe vrijwillige afspraken tussen EU-landen in 2010 over duurzame economische ontwikkeling en banengroei. Nu zijn de doelen van deze EU-strategie vaak vaag. Nederland legt bij een aantal doelen nationaal de lat hoger dan Europa doet. Maar ook de nationale doelen zijn vaak onvoldoende specifiek of meetbaar noch kennen zij alle een eindtijd in 2010. Rapportages over de voortgang kunnen voor de Tweede Kamer beter bruikbaar gemaakt worden. Met deze voorwaarden kan voorkomen worden dat de Lissabonstrategie vooral symbolische waarde heeft.
Reactie |
21-09-2009
|
PDF, 2909 kb
|
Lissabonstrategie voor duurzame economische groei en werkgelegenheid in Europa
Rapport |
21-09-2009
|
PDF, 1637 kb
|
Lissabonstrategie voor duurzame economische groei en werkgelegenheid in Europa, Europese Unie
21-09-2009 |
PDF, 1637 kB